Historie oude boerderijen in boek onthuld

 

 De boerderij Van der Wel in Honselersdijk. FOTO: A.W. VAN DER WEL


De boerderij Van der Wel in Honselersdijk.
FOTO: A.W. VAN DER WEL

Het boek Goed Rentmeestershap

Het boek

Dagelijks rijden we er als Westlanders langs. Oude boerenwoningen, ooit eigendom van het Burgerweeshuis in Den Haag. De Poeldijker Aad Lelieveld onthult daar nu  het een en ander over in zijn zojuist verschenen boek. Waarvan de omslag er uitziet als hiernaast afgebeeld. 

‘De boerderij van mijn vader was eigendom van het Burgerweeshuis’’. Die zin, een tijdje geleden uitgesproken door zijn collega Piet Zonneveld, wekte zo de interesse van Aad Lelieveld, dat hij  besloot uit te zoeken hoeveel Westlandse bezittingen eigenlijk een rol hebben gespeeld bij het voormalig Burgerweeshuis voor Nederlands Hervormden te ‘‘s-Gravenhage.

Omdat het Burgerweeshuis bijna vierhonderd jaar zijn wortels in de vruchtbare grond van het Westland heeft gehad en wel tot in de laatste jaren negentig van de vorige eeuw, heeft Lelieveld ter gelegenheid daarvan zijn bevindingen gepubliceerd  in het boek, dat de titel ‘Goed Rentmeesterschap’ meekreeg. Hij beschrijft daarin zowel de boerenwoningen als de families die erin gewoond hebben. Een aantal boerderijen is nu  in privébezit, andere hebben een openbare functie gekregen.

MOEDERZIEL ALLEEN 

Beeldend beschrijft Lelieveld het ontstaan van het Burgerweeshuis voor Hervormden en de Fundatie van Renswoude in Den Haag. Hij brengt de lezer naar de Haagse Groenmarkt, waar in het jaar 1500 een 8-jarig jongetje moederziel alleen staat te bedelen. Vragend om wat eten om zijn honger te stillen. En hij stond er niet alleen. Soms krijgen ze wat toegestopt door de voorbijgangers. Er zijn in die tijd opvallend veel weeskinderen in Den Haag. Gevolg van de sterfte van vrouwen in het kraambed. Van de achtduizend mensen tellende bevolking van Den Haag leeft dan 20 procent in armoede.

Boerderij Nieuw-Suydervelt in Wateringen.

Boerderij Nieuw-Suydervelt in Wateringen.

Daardoor ontstaan – vaak door legaten van kinderloze echtparen – in de  periode van 1550 tot 1600 in bijna alle steden van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden burgerweeshuizen.  Haagse weeskinderen krijgen daar onderdak en vallen onder het regime van ‘binnenouders’, nu directie genoemd. Boven die directie staat een regentencollege, dat voor de financiële kant verantwoordelijk is.  Als op 22 december 1563 het koopcontract voor een pand aan de Haagse Nobelstraat  is getekend kan het daar voor 133.000 gulden een weeshuis bouwen, genoeg voor een tiental wezen. Na de hervorming komt het Agnietenklooster  aan het Westeinde vrij. De daar wonende zusters krijgen behoorlijk vervangend onderdak. De regenten mogen het klooster als weeshuis gebruiken. Bijna 350 jaar heeft het weeshuis aan het Westeinde gezeteld.

AGNIETENKLOOSTER

Dat het Westland bij dit Burgerweeshuis is betrokken komt doordat het Agnietenklooster daar al  in het bezit was van landerijen  die ook over gingen in handen van het weeshuis. In het begin van de vorige eeuw bleek het om ruim 350 hectare land met een zevental boerderijen en vijf tuinderijen te gaan. De opbrengst maakt het mogelijk de wezen een goede opvoeding te geven.  Nadat de Fundatie ook nog eens geld belegt in  boerderijen,  komt daar nog een aantal bedrijven in Wateringen, Hazerswoude, Leidschendam en Schipluiden bij. Hoewel de meeste boerderijen er nu nog staan, is het land eromheen merendeels ten offer gevallen aan de dorps- of tuinbouwuitbreiding.

De boerderij  Suydervelt in Wateromgem

De boerderij Suydervelt in Wateromgem

Eigenlijk is het boek één grote, met veel interessante gegevens doorspekte  rondleiding door het Westland, beginnend bij de boerderij Van der Wel  aan de Middel Broekweg in Honselersdijk. Hij staat op grond, die al in 1642 door de regenten van het weeshuis is gekocht. De boerderij op de hoek met de Zwethlaan is vanaf 1747 gepacht door de familie Olsthoorn. De gezusters Pietje en Petronella Olsthoorn deden de pacht in 1854 over aan hun knecht Jacob van Meurs. Als in 1880 Arie, de zoon van Van Meurs op zijn beurt de pacht overneemt  van zijn vader. breekt er  op 27 december 1882 door onbekende oorzaak  brand uit in de boerderij. Op 1 januari 1883 meldt de Westlandsche Courant, dat de boerderij weldra in lichterlaaie stond en de ‘brandspuiten van Hondsholredijk en Naaldwijk spoedig op het terrein aanwezig waren’. De woning met de stalling en een gedeelte van de  huismeubelen zijn in vlammen opgegaan. Aan het einde van dat jaar staat er echter alweer  een nieuwe boerderij met vee in een eigen stal .Als Van Meurs in 1908 plotseling overlijdt , kan zijn zoon Gerard hem niet opvolgen, omdat hij in militaire dienst moet. Reden voor het Burgerweeshuis om de familie die niet hervormd is meteen maar  te verwisselen voor een wel hervormde familie, want dat was een voorwaarde om de boerderij te kunnen pachten.  Zo wordt Nic. van der Wel in 1909 de nieuwe pachter voor 2500 gulden per jaar.

PERMANENTE TUINBOUWTENTOONSTELLING

Het verdere onderzoek  naar de geschiedenis van deze boerderij heeft nog een vrijwel onbekende bijzonderheid opgeleverd. In 1970 heeft, aldus de schrijver Lelieveld, het bestuur van de Westlandse Handels Tentoonstelling (Wéhaté) interesse getoond in de boerderij voor het aanleggen van sportvelden, een stadion en een permanente tuinbouwtentoonstelling. Dat plan is nooit doorgegaan.

Omdat deze boerderij uniek gelegen is en zowel aan de buitenzijde als aan de binnenzijde nog authentiek is en de sfeer uitstraalt van het agrarische leven.

Omdat deze boerderij uniek gelegen is en zowel aan de buitenzijde als aan de binnenzijde nog authentiek is en de sfeer uitstraalt van het agrarische leven.

Over elke boerderij die Lelieveld in zijn ‘rondleiding’ bespreekt, is een dergelijk zeer persoonlijk  verhaal in het boek te lezen. Wie Lelieveld in zijn tocht langs de boerderijen van het weeshuis volgt, belandt vervolgens in Kwintsheul.  Het is boerderij Harteveld aan de Harteveldlaan, tot 1778 hoofdzakelijk verpacht aan de familie Van der Valk, opgevolgd door de familie Van den Bos uit Schipluiden. De naam van de laan is het enige wat nog aan de boerenfamilie Harteveld herinnert.  Vanuit Kwintsheul gaan we weer terug naar Honselersdijk waar we tegenover de Mariëndijk een imponerende oprijlaan naar de boerderij van een oud boerengeslacht in de Oude Broekpolder zien opdoemen. In deze boerderij is halverwege de negentiende eeuw in de nacht van 23 op 24 december ingebroken, waarbij er toen al sprake was van koperdieven. Ze namen een koperen waterketel uit het fornuis mee.

Ook de boerderij Vreugdenhil die de Kerkstraat in Kwintsheul siert,  behoorde tot de bezittingen van het  Burgerweeshuis . Net als de befaamde Hofboerderij in Wateringen, tegenover de molen De Windlust, nu eigendom van de gemeente als cultureel centrum. De rondleiding wordt voortgezet langs de Heulweg waar op nummer 18 boerderij Suydervelt staat. Op de 36 hectare land dat de gemeente aankocht werd eind jaren zeventig begin tachtig de wijk Suydervelt gebouwd. Daarop volgt boerderij Nieuw Suyderverlt, gelegen aan de Heulweg 34. Gebouwd in 1899.

BOUWLUST 

Komend uit Poeldijk gaat Lelieveld in zijn boek de Nieuweweg op naar Loosduinen, naar de Lozerlaan.  Daar heeft vroeger de boerderij Bouwlust  gestaan, ook in het boek beschreven. Die naam leeft nog voort in een wijk in Den Haag Zuid West. Voor de overige bezittingen moeten we naar Delfgauw en Delft, de boerderijen Vredrust en Hogendoorn. De lezer komt ook daar van alles te weten over wat eraan te pas  komt om bezittingen als boerderijen te  kopen, pachten of te huren. Zoals over de Wateringveldsche Hoeve in Wateringen en de Ommendijkse Hoeve te Schipluiden en zelfs over boerderij  Meyvliet in Leidschendam en de in Zoeterwoude gelegen boerderij Laanlust. Het Burgerweeshuis is niet alleen geïnteresseerd geweest in boerderijen, ook tuinderijen waren in trek.

Lelieveld: ,,We rijden dagelijks langs deze boerderijen, maar weten weinig van de historie van deze voormalige boerenwoningen. Door ze stuk voor stuk te beschrijven wil ik een stukje van deze geschiedenissluier oplichten’’.

Het boek is voor 24,95 euro te koop bij boekhandel Vingerling of via www.jouwboek.nl

 FOTO’S: A. LELIEVELD

 

Historie als hobby leidt tot boek over boerderijen

Aad Lelieveld (1955) geboren en getogen Poeldijker komt uit een roemrijk Westlands schippersgeslacht. Zelf heeft hij deze traditie niet voortgezet maar verdient zijn brood in een geheel andere branche: autoschadehersteller. Zijn hobby en interesses  liggen wel in de geschiedenis, en dan vooral de tastbare regionale geschiedenis. De agrarische geschiedenis van het Burgerweeshuis interesseerde hem zo, dat hij na jaren van onderzoek in de archieven van het Burgerweeshuis en vele gesprekken met (oud)pachters en/of familieleden besloot hiervan een boek uit te geven.

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *