Strik en Stropdas: veel verhalen doen over hen de ronde

 Naaldwijk, 22 augustus 2015 – Jan en Arie Hoogstraten. Twee bekende Naaldwijkers. In de volksmond Strik en Stropdas genoemd. Naar hun vrij armoedige kleding, terwijl ze toch aan geld geen gebrek hadden. Ik kende ze al van – ik denk – mijn tweede of derde jaar af. Want ze kwamen heel regelmatig voor mij in beeld via ons keukenraam in de Martinus Dorpiusstraat nr. 10, waar ik toen vaak in de houten kinderstoel zat en verwonderd naar buiten keek. Je zag er de achterkant van de panden in de Emmastraat en de Molenstraat.

Jan Hoogstraten geniet voor zijn winkel van het weer.

Jan Hoogstraten geniet voor zijn winkel van het weer.

Het onafscheidelijke tweetal was altijd pas te zien als ze eerst een lange ladder tegen het gebouw met een met pannen bedekt zadeldak hadden geplaatst. Een voor een klommen ze zo via een deur naar binnen. Telkens was hun hoed als eerste zichtbaar. Door een deur die op een rare plaats zat, te weten een meter of drie hoog, gingen ze naar binnen en weer naar buiten. Ze brachten van alles naar boven en ook weer naar beneden. Voor een kind van twee, drie jaar was dat spannend om naar te kijken. Leuke afwisseling met anders zo nadrukkelijk aanwezige meeuwen en spreeuwen, die ik er altijd zag rondvliegen. Ik zie het nog zo voor mij. Als ik vroeg wie die mannen eigenlijk waren zei mijn vader steevast: Jan en Arie Hoogstraten, waar ik – voor zo’n klein kind al vlug pratend – toen al het woordgrapje mee maakte door te zeggen: januari Hoogstraten.

De wandelaar komt de hoek om, waar Jan Hoogstraten vaak zat.

De wandelaar komt de hoek om, waar Jan Hoogstraten vaak zat.

Die gebroeders Hoogstraten waren beslist niet onbemiddeld. Op de hoek van de Herenstraat en de Prins Hendrikstraat hadden zij een sigarenmagazijn. Maar verder hadden ze nog heel wat bezittingen in het dorp. Wie hierover vragen stelt aan Gerard Beijer, vrijwilliger bij het Historisch Archief Westland, krijgt meteen de nodige doortimmerde informatie. Het pand waar het magazijn in gevestigd was, is oorspronkelijk bewoond door Johanna Hekkers, die er in het begin van de negentiende eeuw woonde. In het boek ‘Gemeente Naaldwijk 120 jaar in beeld’ schrijft hij: ,,Zij was de dochter van Adolf Hekkers die in 1810 is overleden. Johanna trouwde in 1831 met de chirurgijn Petrus Ferdinandus Hoogstraten, die zich omstreeks 1830 op het Marktplein in Naaldwijk had gevestigd. Johanna stierf kort na de geboorte van haar zoon Jacobus. Daarom groeide deze zoon op bij zijn tantes in het genoemde huis op de hoek van de Herenstraat.

Het sigarenmagazijn van de Hoogstratens op de hoek van de Herenstraat.

Het sigarenmagazijn van de Hoogstratens op de hoek van de Herenstraat.

Jacobus is van beroep ‘verwer’ en is de vader van de twee broers Jan en Arie Hoogstraten. Vandaar dat Beijer in het samen met Gerard de Vrede samengestelde boek meldt, dat Johannes Adrianus Hoogstraten in Naaldwijk is geboren op 12 december 1871 als zoon van Jacobs Engelbertus Adolphus Hoogstraten en van Lambertine Verbeek. Hij overleed op 80-jarige leeftijd eveneens te Naaldwijk op 23 juni 1952.
Een publicatie in de Haagsche Courant van 1949, waarin de journalist Piet Bot beweert, dat de familie Hoogstraten al sinds 1571 op deze hoek heeft gewoond, kan volgens Beijer niet waar zijn.

In de verte op de linker hoek het pand waar het over gaat.

In de verte op de linker hoek het pand waar het over gaat.

Uit documenten blijkt immers dat het pand in 1568 is gekocht door Trijnken Hermansdr., die in 1580 nog steeds eigenaresse is, waarna in 1591 Cornelis Pietersz. Verhouf het pand verwerft. In 1606 verkoopt Dirk van Reijnegom dit huis aan Hendrik Rochusz. van Bodegom. Nadat onder meer de familie Wasteijn een lange tijd eigenaar van dit huis is, koopt Adolf Hekkers het pand van zijn moeder. Aldolf sterft in 1810 , waarna in1831 een van zijn dochters trouwt met Petrus Ferdinandus Hoogstraten die aan het Marktveld woont. Hoogstraten was geboren in Bloemendaal, dus helemaal niet afkomstig uit het Westland of omgeving.
Ons verzoek op het veelgelezen ‘Facebook Over het Westland’ om nog meer informatie over de bekende gebroeders Hoogstrate leverde het volgende resultaat op. Martin van Dalen schrijft ons dat hij ze kende als Stikkie en Stropdas (wij menen dat dat Strik en Stropdas zou moeten zijn). Zij zagen er niet uit, maar waren toch schatrijk. Zij woonden in de Molenstraat in Naaldwijk ter hoogte van waar nu fotograaf Ben Hofland zijn zaak heeft. (Dat is juist, want ze zijn vanuit de Herenstraat daarheen verhuisd). Het erf van hun huis grensde aan het schoolplein van de Rehobothschool in de Rembrandtstraat. Er gaan vele verhalen over de twee broers die samen met een zus woonden Zij hadden veel panden in Naaldwijk waaronder waar nu het Kruitvat (vroeger ijssalon G.A. Boekesteijn) zit, daarnaast de vroegere Jamin, IKO, en bakkerij Honders (later Van Wijngaarden ).

Links het gebouwtje waar Jan en Arie langs een ladder bij de deur konden komen.

Links het gebouwtje aan de Emmastraat  waar Jan en Arie langs een ladder bij de deur konden komen. Rechts tegen het Rooie Huissie aan, woonde tot 1948 de familie Van Holstein.

Achter deze bakkerij stond het gebouw, waar ik als kind de beide broers met hun ladder bezig heb gezien. Martin van Dalen besluit zijn bijdrage met: ,, Er gaan zo vele verhalen in de rondte over deze mensen’’. Gerda van der Voort heeft het in haar inzending wel over dezelfde locatie als Martin, maar de foto is gemaakt voor de sigarenzaak in  de Herenstraat.
Ook Elly Buitelaar reageert op Facebook. Zij schrijft: ,,Wij noemden Arie Hoogstraten Pikkie de ander was Jan. Ze woonden ook samen met zus Sjaan. Midden in de zomer zag slager Krijger de kachel branden bij de familie, hij ging kijken wat er aan de hand was en Sjaan had de kachel aan gedaan omdat Arie zo koud was. Hij bleek al een dag dood te zijn’’. Volgens nog een andere Facebookfan, Janneke van Es-Flaton, heette de zus Jana.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *